<img height="1" width="1" style="display:none" src="https://www.facebook.com/tr?id=543988056270869&ev=PageView&noscript=1" />‘Ik geef tweehonderd procent’ - UAF

‘Ik geef tweehonderd procent’

Auteur:Job Hulsman
Datum:6. 4. 2020
Leestijd:4 minuten
In zijn eerste maanden in Nederland komt Karam Shebat (31, Syrië) zijn appartement in Groningen bijna niet uit. De traumatische vlucht, waarbij hij zijn vriendin verliest, is nog te vers. Totdat hij op een dag belt met zijn moeder en broers. Zij moedigen hem aan om iets van zijn leven te maken. ‘Sindsdien geef ik tweehonderd procent. Honderd procent voor haar en honderd procent voor mezelf.’ Als alles goed gaat studeert Karam in juli af, mede dankzij Marktplaats, salsa en het UAF.

‘Met de overtocht naar Nederland ben ik alles verloren. Ik had niets meer. In een appartement in Groningen moest ik verder met mijn leven, maar ik kon het niet.’ Wat Karam deed? ‘Ik ging soms naar de sportschool. Voor de rest zat ik vooral thuis. Na negen maanden somberen kwam ik via Marktplaats in contact met de verkoopster van een keyboard, Esther. Ze nodigde me uit om wat met haar te gaan drinken. Tijdens onze afspraak zei ze: “Kom mee naar mijn dansschool, dan kun je salsa leren en mensen ontmoeten.” Ik heb het gedaan.’

In diezelfde periode belde Karam met mijn moeder en broers. Zij zeiden: ‘Tot wanneer blijf je zo, Karam? De liefde voor je vriendin zit in je hart. Je moet verder. Doe het voor haar. Ze zal trots op je zijn, ze ziet je, ze voelt je.’ Karam: ‘Daar, in die periode, begint mijn leven in Nederland.’

Toen ik het plezier eenmaal had teruggevonden wilde ik verder

Bij salsaschool Juan Carlos leert Karam binnen drie maanden dansen. Inmiddels heeft hij naar eigen zeggen meer dan drieduizend vrienden in de salsa-wereld en in mei 2019 werd hij Nederlands kampioen salsa in zijn eigen klasse met Caitlin, zijn toenmalige danspartner.

Met honderdvijftig mensen op een kluitje

Het contrast met de zomer van 2014 is groot. Karam reist naar Libanon om mee te doen aan Idols Arab (de Arabische variant van de populaire talentenjacht) als hij bij de grens wordt tegengehouden. De Syrische autoriteiten vertellen hem dat hij het leger in moet. Karam slaat op de vlucht met zijn vriendin, haar vader, haar broer en twee vrienden. Wat volgt is een lange en beangstigende vlucht. Eerst naar Libanon, daarna met het vliegtuig naar Algerije en uiteindelijk per veewagen naar Libië: ‘We zaten met honderdvijftig mensen op een kluitje. Ik kon niet bewegen en kreeg nauwelijks adem.’ Eenmaal in Libië was de beloofde grote boot nergens te bekennen. En dus stapten Karam en de anderen aan boord van een sloep. De capaciteit van de boot: 200 mensen. Het aantal mensen aan boord: 588.

‘“Dit gaan we nooit overleven”, zei ik tegen mijn vriendin. “Ik weet het zeker, we gaan dood.” Ik protesteerde hevig, maar de smokkelaars droegen geweren. We konden geen kant op.’ Karam bereikt de overkant levend, net als de vader en de broer van zijn vriendin. Zij en de twee vrienden overleven de oversteek niet.

Energie door salsa dansen

‘Gelukkig vond ik dankzij het salsa dansen de oude Karam terug. Hij was er nog.’ De oude Karam, dat is een jongen die graag feest, veel vrienden heeft en houdt van gezelligheid. In Damascus was hij zanger, muzikant en muziekdocent op privéscholen. Met een vriend runde hij een restaurant.

‘Toen ik het plezier eenmaal had teruggevonden wilde ik verder: werken, beter Nederlands leren, een carrière.’ ‘Aan zijn Syrische opleiding Business Administration had hij niet genoeg, zo bleek na een aantal sollicitaties. ‘Ik kreeg het advies om een Nederlandse opleiding te gaan doen. “Als je een Nederlands papiertje hebt, krijgen je Syrische documenten ook weer waarde”, adviseerde iemand mij. Dankzij de steun van het UAF ben ik in de zomer van 2017 gestart met de opleiding Popcultuur aan de Hanzehogeschool in Leeuwarden. Ik kreeg geld voor een laptop en kon een instrument aanschaffen. Zonder hen was het nooit gelukt. Als alles goed gaat studeer ik in februari af en heb ik een vierjarige opleiding in tweeëneenhalf jaar gedaan.’

Wie geld verdient raakt vanzelf weer gemotiveerd.

Dat is het resultaat van tweehonderd procent inzet, zegt Karam. ‘Honderd procent voor mijn overleden vriendin en honderd procent voor mezelf.’ Als hij straks klaar is wil hij de entertainmentindustrie in. Hoe of wat precies, dat weet hij nog niet. Karam: ‘Als ik subsidie kan krijgen wil ik graag een bedrijf opzetten waarmee ik creatieve talenten zonder werk, zoals fotografen, videomakers, acteurs, zangers en muzikanten, kan helpen aan een project. Ik ben in Nederland veel talent tegengekomen dat thuiszit. Wie geld verdient raakt vanzelf weer gemotiveerd.’

Interview: Job Hulsman
Fotografie: Suzanne Blanchard

Talent mag niet verloren gaan

Geef gevluchte studenten zoals Karam de kans zich te ontwikkelen. Met jouw donatie maak jij voor hen een wereld van verschil. Help jij vluchtelingen op weg?

Doneer nu!

Deel dit artikel: