Op Wereldvluchtelingendag gun ik iedereen een Winifred

Auteur:Mardjan Seighali
Datum:6. 20. 2019
Leestijd:4 minuten

‘Is mijn wens reëel? In hun ogen ben ik al oud’, zei de man (dertiger, klein, driedagenbaard) terwijl hij wees naar de aanwezige werkgevers in de zaal. Even daarvoor deelde hij zijn wens met me: een vaste baan in de financiële sector.

‘Maak je je zorgen om je leeftijd? Je bent nog hartstikke jong’, antwoordde ik. Hij: ‘Ik heb werkervaring, maar ben geen twintiger meer. Ik heb een gezin en een kind en wil graag aan het werk. Helaas kan ik mezelf niet jonger maken.’

Het korte onderonsje vond vorige week plaats tijdens de afsluitende borrel van UAF Connects, de dag waarop we bedrijven en talentvolle vluchtelingen met elkaar in contact brengen. Tientallen bedrijven – waaronder Rabobank, PwC en Accenture – en ruim vijftig nieuwkomers waren op het evenement afgekomen.

De woorden van de (jonge) man hadden me aangegrepen. Hij was hoopvol en positief, maar streed duidelijk met wanhopige gevoelens. ‘Ontwikkel de taal, blijf knokken en laat jezelf zien als je de kans krijgt’, moedigde ik hem aan. ‘Als jij je best doet en wij blijven je belangen behartigen, heb ik er vertrouwen in.’ Hij glimlachte.

Opnieuw beginnen

Vandaag is het Wereldvluchtelingendag. Een dag die voor mij in het teken staat van stilstaan bij ontheemd zijn en opnieuw moeten beginnen. Voor miljoenen mensen is het aan de orde van de dag.

De UNHCR berekende dat vorig jaar meer dan zeventig miljoen mensen vluchtten voor conflict, geweld, vervolging of mensenrechtenschendingen. Een verdubbeling ten opzichte van twintig jaar geleden en ruim twee miljoen meer dan een jaar eerder.

Als ontheemde in een nieuwe omgeving zoek je naar je plek

Zelf vluchtte ik in 1990 met mijn twee zoons vanuit Iran naar Nederland. Van de ene op de andere dag belandden we in een nieuwe omgeving. Ontheemd, klaar om opnieuw te beginnen.

Als ontheemde in een nieuwe omgeving zoek je naar je plek. In mijn geval betekende dat: de Nederlandse taal leren, studeren zodra het kon en daarna aan het werk. Ik wilde meedoen, me verbonden voelen. In een maatschappij waarin de meeste mensen werken, wil je als nieuweling zonder wortels óók werken, schreef ik in mijn vorige blog. Werk is zingeving.

Komt een vluchteling bij de werkgever, zegt de werkgever …

Of je daar als ontheemde in slaagt hangt niet alleen af van jezelf. Natuurlijk, je moet je best doen: de Nederlandse taal leren, omscholen, kennismaken met de cultuur, stage lopen, noem maar op. En toch, en toch: je blijft afhankelijk, afhankelijk van mensen die willen zien wat jij te bieden hebt. Naar wat je hebt meegenomen uit je vertrouwde omgeving en kunt toevoegen aan je nieuwe omgeving.

In mijn openingsspeech tijdens UAF Connects vertelde ik een mopje. ‘Komt een vluchteling bij een werkgever. Zegt de werkgever: U heeft een oorlog overleefd en de Sahara doorkruist, maar ik twijfel aan uw doorzettingsvermogen.’ Zoals bij veel moppen zit er een kern van waarheid in. Als werkgevers willen, vinden zij altijd een grond om een vluchteling niét in dienst te nemen.

Een Winifred voor iedereen

Ik had het geluk dat ik in mijn tijd bij Jeugdzorg Flevoland te maken had met Winifred, een vakinhoudelijk sterke en met mensen en cliënten betrokken manager. Ik werkte als Medewerker Jeugdzorg toen Winifred me stimuleerde om te solliciteren naar de leidinggevende functie die destijds vrijkwam.

Ze zag mijn potentieel – en, niet onbelangrijk: ze keek voorbij mijn accent en (zo nu en dan) gebrekkige Nederlands. Dankzij Winifred kreeg ik de kans om te laten zien wat ik daadwerkelijk kan bijdragen.

Als we de verschillen omarmen en kijken naar ieders talent komen we veel verder

Werkgevers denken al snel: ach, we geven vluchtelingen een arm en nemen ze mee. Als je dat doet sta je niet open voor wat de ander te bieden heeft. Dan is het helpen. Terwijl je ook kunt profiteren!

Voor alle betrokkenen is het beter als werkgevers niet alleen hun armen, maar ook hun ogen en verstand openen. Zoals Winifred dat bij mij deed.

We hebben allemaal onze beperkingen: ik (mijn taal kan nog steeds beter), Winifred (ze was soms chaotisch), jij én de aanwezige talenten tijdens UAF Connects. Als we de verschillen omarmen en kijken naar ieders talent komen we veel verder.

 

Fotografie: Soraya Ebrahimi


Deel dit artikel: