Artsentekort groeit, terwijl ervaren statushouders staan te popelen – huh?

Auteur:Mardjan Seighali
Datum:7. 18. 2019
Leestijd:4 minuten

Ze droeg een hoofddoek en aan haar lichte accent hoorde ik dat ze niet in Nederland geboren was. Hoewel ik me nooit op mijn gemak voel in tandartsstoelen, overwon mijn nieuwsgierigheid het van de angst.

‘Waar stond uw wieg?’ vroeg ik. ‘In Irak’, antwoordde de endodontoloog (wortelkanaalspecialist) met een vriendelijke glimlach. Ik vroeg of ze hier had gestudeerd, waarop ze vertelde dat ze in Irak al tandarts was, maar in Nederland opnieuw examen had gedaan. Haar reactie op mijn vraag of ze dan ook het UAF kende liet geen ruimte voor twijfel. ‘Ja zeker, zij hebben mij gesteund tijdens mijn studie’, zei ze dankbaar.

Ik zal jullie verder niet vermoeien met mijn aanhoudende klachten, maar maanden later lag ik opnieuw in een tandartsstoel. Ditmaal bracht een implantoloog de lamp boven mijn hoofd in de juiste positie.

De arts legde in me in heldere taal uit wat hij ging doen en wat mij te wachten stond. Op mijn beurt vertelde ik hem dat hij niet in de war moest raken van een eventuele paniekaanval. ‘De tandartsstoel is niet bepaald mijn favoriete plek, pijn of geen pijn’, zei ik. Hij knikte begripvol en vertelde dat hij wel wat gewend was.

Omdat ik ondanks zijn vloeiende volzinnen ook bij deze tandarts een lichte tongval ontdekte, stelde ik ook hem de wieg-vraag. ‘In Syrië’, antwoordde hij. ‘Ik woon sinds 1992 in Nederland. Destijds vroeg iedereen zich af waarom ik van Syrië naar Nederland vluchtte, inmiddels hoef ik dat niet meer uit te leggen.’

De behandeling stond op het punt van beginnen dus vroeg ik nog snel of hij het UAF kende. ‘Natuurlijk. Het UAF heeft mijn studie mogelijk gemaakt. Na mijn studie ben ik naar Amerika gegaan om me te specialiseren en nu ben ik terug.’

Twee keer in korte tijd was ik behandeld door tandartsen die hun thuisland hadden verlaten en hun kennis en ervaring nu in Nederland benutten – mede dankzij het UAF. Het ontroerde me, maar bezorgde me ook een wrang gevoel. Hoe zouden zij – en dat geldt ook voor mijzelf – terecht zijn gekomen zonder het UAF?

Op dit moment kampt Nederland met een groeiend artsentekort. Laten we dan in ieder geval de kennis en het talent dat hier rondloopt benutten. Waarom is Sohiel, een ervaren en gedreven huisarts uit Afghanistan van begin veertig, afhankelijk van de steun van het UAF om zijn benodigde papieren te halen? Want voor de duidelijkheid: het UAF kan lang niet alle artsen helpen. Mijn Irakese endodontoloog en Syrische implantoloog: ze vormen het topje van de ijsberg.

Vanochtend schoof ik aan bij Jurgen van den Berg op NPO Radio 1 om te praten over het oplopende tekort aan artsen en tandartsen. ‘Is het niet gek dat statushouders met werkervaring als (tand)arts hier niet de begeleiding krijgen die nodig is om hun loopbaan te hervatten?’, vroeg ik me hardop af.

Op de radio pleitte ik voor slimmere samenwerking tussen de zorgsector en de betrokken ministeries (VWS, SZW en OCW). Kennis en talent ontwikkelt zich niet alleen door wilskracht en inzet, maar heeft ook ondersteuning en begeleiding nodig.

De consultatiefase van de nieuwe Inburgeringswet is inmiddels gestart. Wat me opvalt in het debat rondom deze aanstaande wet is dat ik woorden als ‘leeftijdsgrens’, ‘studiefinanciering’, ‘taalbarrière’ en ‘cultuurverschil’ veelvuldig tegenkom. Er wordt vaak gesproken over wat het wel niet kost om talenten (om) te scholen. Het zijn de bekende beren op de weg. Tegelijkertijd hebben we een metershoge ladder nodig om te zien hoe ver mijn Irakese endodontoloog en Syrische implantoloog het hebben geschopt in Nederland.

PS: vanavond zie je me om 18.00 uur en 20.00 uur in het NOS Journaal, waar ik eveneens pleit voor meer regie en slimme samenwerkingen.


Deel dit artikel: