Een experimenteel project voor intensieve taalverwerving Nederlands
De Nederlandse taalvaardigheid geldt voor vele vluchtelingen als een knelpunt. Doordat zij het Nederlands niet voldoende beheersen, kunnen ze niet succesvol studeren. Om het probleem meteen aan het begin van het studietraject te verhelpen, is het UAF in september 2011 gestart met een driejarig taalproject. Met dit project wil het UAF gemotiveerde, studievaardige vluchtelingen de benodigde basis geven voor hun studie of verdere studievoorbereiding. De gekozen aanpak wordt getest met een proeftraject bij het VU-NT2 aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
XS2Education is gestoeld op een intensieve samenwerking tussen taalaanbieders en het UAF gedurende het hele taaltraject, van de intake tot en met het Staatsexamen NT2. Doordat taaldocenten een meer uitgebreide intake met de cursisten doen, verkrijgen zij specifieke informatie over de achtergrond van de cursist en kunnen daarmee de cursist plaatsen op een geschikt startniveau. Gedurende het traject is maatwerk het sleutelwoord.
Dit vraagt om een flexibele houding van de talencentra, zodat het aanbod altijd aangepast is op de behoeften van de cursist. Zo kan een snelle cursist het traject in kortere tijd doorlopen en krijgt een langzamere cursist de tijd die hij nodig heeft voor het verwerven van de basis. Daarnaast worden cursisten intensief begeleid door hun taaldocenten, onder andere met behulp van een cursistenvolgsysteem en mentorgesprekken.
In september 2011 is een pilotgroep van 15 cursisten gestart bij het VU-NT2. Het doel van de proefcursus die tot april 2012 loopt, is te bekijken of de grondige intake, het maatwerk en de intensievere begeleiding tot goede – of zelfs betere – resultaten leiden.
Gerrie Gastelaars, docent VU-NT2:
‘De sfeer in de groep was vanaf het begin heel positief. Dat de cursisten zich veilig voelen in de leeromgeving, draagt absoluut bij aan hun leerresultaten. De cursisten doen ook veel praktijkopdrachten. Elke week gaan zij op stap om hun Nederlands te oefenen. Daarna rapporteren ze hun ervaringen in de groep. Soms bevragen ze ook elkaar. Cursisten die hun Nederlands anders nog niet durven te gebruiken, worden toch zo gestimuleerd om het ook te proberen.'