
Foto: Venus Veldhoen
December 2011 - Samer Al-Mubarek (32) was arts in Irak. In Nederland wil hij opnieuw als arts werken. Dat vraagt om veel doorzettingsvermogen, want maar weinig gevluchte artsen slagen voor de vereiste toetsen. Het UAF spant zich specifiek in voor deze groep vluchtelingen, omdat artsen hard nodig zijn in Nederland.
Stap voor stap
Morgen zal hij nog niet in een witte jas staan. Ook niet volgend jaar. Want als Samer voor de beroepsinhoudelijke toetsen voor buitenlandse artsen slaagt, staat hij opnieuw aan het begin van een studietraject, zij het misschien in een verkorte vorm. Ondanks de zwaarte van het traject blijft hij positief: ‘Toen ik drie jaar geleden voor het eerst bij het UAF kwam, had ik twee gedachten. De eerste was: positief blijven. Ik geloof in de kracht van positief denken. Ik heb weinig keuze, en hier zijn mensen die mij kunnen helpen. Het is andere gevluchte artsen gelukt, mij zal het ook lukken. De tweede gedachte was dat ik niet te ver vooruit moest denken. Ik besloot mijn doel stap voor stap te bereiken. Eerst de cursussen Nederlands, dan het staatsexamen Nederlands als tweede taal, daarna medisch Nederlands leren en me op de algemene en inhoudelijke toetsen voorbereiden.’
Leren empathie tonen
Tot nu toe is Samer in zijn stappenplan geslaagd. ‘De hulp van het UAF was vooral bij de voorbereiding op de algemene toets erg belangrijk. Ik leerde hoe artsen in Nederland met patiënten omgaan en hoe Nederlanders empathie voor elkaar tonen. Dat is nogal anders dan in Irak, want daar moet een arts ongelooflijk veel patiënten behandelen. Daardoor is er geen tijd voor echte interactie, laat staan empathie.’ Ook leerde Samer presentatievaardigheden en kreeg hij richtlijnen voor het schrijven van een verslag. Daarnaast maakte hij kennis met het zorgsysteem in Nederland. Ook in de praktijk, want via het UAF vond hij een meeloopstage bij een huisarts in Utrecht. ‘Ik draaide mee op het spreekuur en zag hoe de zorg hier werkt. De arts besprak steeds achteraf de patiënten met mij.’ De meeloopstage was een voltreffer: uiteindelijk mocht Samer er vier maanden blijven in plaats van twee, zoals eerst afgesproken was. Nu hij zich thuis op de inhoudelijke toets voorbereidt, mist hij het contact met Nederlanders. ‘Sinds ik in Nederland ben, studeer ik heel hard. Daardoor heb ik weinig tijd voor andere activiteiten en leer ik weinig mensen kennen.’
Roeping
Helemaal alleen is Samer hier gelukkig niet, want een deel van zijn familie is al in de jaren negentig naar Nederland gevlucht. Veel familieleden zijn arts. Zo is de vader van Samer oogarts. Dat is bepalend geweest voor zijn beroepskeuze. Al heel vroeg wist hij dat hij arts wilde worden. In Irak heeft hij na zijn afstuderen twee jaar gewerkt op verschillende medische gebieden, zoals de opleiding daar vereist. Hij stond op het punt een specialisatie te kiezen, toen hij het land moest ontvluchten. ‘Ik kom uit een christelijke familie en werd daarom ernstig bedreigd’, legt hij uit. ‘Ik was liever arts in Irak gebleven, maar helaas kon het niet. Toch heb ik geluk. Ik weet dat ik mensen beter wil maken in Nederland, en het UAF maakt mogelijk dat ik het kán willen.’